|
|
|
|
|
|
|
| dinsdag 14 oktober 2008 · 05.43u |
|
Begroting: knippen en plakken
13.10.2008 17.21u - Het voornemen van de regering om de kleine aandeelhouder van Fortis te compenseren voor zijn verlies, is allerminst geloofwaardig. “Voorlopig blijft het bij een vergoeding op papier,” weet ook Luc Van der Kelen in Het Laatste Nieuws: “Ze hangt af van de ontwikkeling op de beurs tegen 2014. Eerst moe...
Lees meer
|
|
|
Aanslag op uitgever
13.10.2008 14.08u - In augustus meldden we al dat in Amerika de publicatie van het boek The Jewel of Medina geannuleerd werd. De Amerikaanse uitgeverij vreesde dat de roman, die vertelt over het huwelijk van de profeet Mohammed met zijn 11-jarige bruid Aïsha, gewelddadige reacties uit moslimhoek zou teweegbrengen, zoal...
Lees meer
|
|
|
|
|
|
|
|
|
De toespraken van de voorzitter
Brussel, 13.02.2007
RAAD VAN STATE
Geachte voorzitter en leden van de Raad van State,
In een verzoekschrift heeft mijn vereniging verzocht om een onderzoek in te stellen naar mogelijk lidmaatschap van sommige staatsraden van de loge van het Grootoosten, en een aantal staatsraden gewraakt vanwege hun duidelijke politieke kleur.
Ik zou bij elk van beide zaken het volgende willen opmerken.
Wat wij kennen als de vrijmetselarij, doorgaans omschreven als ‘de loge’, is in dit land aanwezig met twee verschillende tendensen. Een minderheid sluit aan bij de Angelsaksische en Scandinavische vrijmetselarij, en daar wordt gezegd dat politiek nadrukkelijk geweerd wordt uit de activiteiten van de loges; met die vorm van vrijmetselarij heb ik geen problemen.
In België behoort de meerderheid van de vrijmetselaars echter tot de zogenaamde niet-reguliere vrijmetselarij, die vrijmetselarij en politiek nadrukkelijk vermengt en net daarom door de Angelsaksische vrijmetselaars niet erkend wordt. Deze loge is in België sterk pro-Franstalig, Brussels en pro-belgicistisch; als Vlaamsnationalist heb ik daar wel degelijk een probleem mee.
In deze loges verzamelen zich van oudsher vertegenwoordigers van liberalen en socialisten, teneinde het politieke beleid te beïnvloeden. Vier organisaties bekennen zich in België tot deze strekking, waarvan de bekendste en grootste die van het ‘Grootoosten’ is, met bijna 10.000 leden.
Een onderzoek naar het lidmaatschap van staatsraden van deze loges is dringend nodig, omdat zij er geen geheim van maken dat zij mensen met macht en invloed willen beïnvloeden. Op het internet leest men in hun basistekst: Het uitdragen van Vrijmetselaarsideeën buiten de Tempel is een persoonlijk engagement dat men in volle vrijheid en onafhankelijkheid neemt, maar waarbij men discreet blijft over de herkomst van de ideeën’.
Als voorzitter van een vereniging, die hier terecht staat, kan ik hieruit dus niet anders dan afleiden dat ook een staatsraad die lid is van de Loge geacht wordt hier de ideeën van de Loge in zijn rechtsprekende taak te laten doorwegen – maar daarover wel ‘discreet’ blijven.
Welke de ideeën zijn ten aanzien van het Vlaamsnationalisme blijkt uit de verklaringen van de ‘Grootmeester’ van het Grootoosten, de heer Goris, die zowel in een vraaggesprek met De Morgen op 23 januari 2005 als in Knack verklaard heeft, dat ‘Iedere broeder moet het als zijn taak zien om daartegen te vechten in zijn eigen sociale of professionele situatie.’
Die uitspraak is duidelijk en getuigt openlijk van de vijandigheid van de loge tegenover het Vlaamsnationalisme.
Dat magistraten deel uitmaken van de Loge is algemeen bekend. Ik verwijs naar het boek van onderzoeksjournalist Jan Puype, ‘de elite van België’, die met verwijzing naar Trends bevestigt dat bedrijfsleiders in de Loge verbroederen met magistraten en andere overheidsambtenaren.’
In België worden steeds luider en steeds openlijker, en zeer terecht, vragen gesteld bij de onpartijdigheid en de onafhankelijkheid van het gerecht, als we toestaan dat magistraten in occulte verenigingen verbroederen met politici en bedrijfsleiders, die later als partij voor hun zetel staan, zonder dat openheid van zaken over de verbroedering wordt gegeven. De kenner Andries Van Den Abeele zegde terecht in zijn boek ‘de kinderen van Hiram’ over de loges:
‘Is het passend dat magistraten, van wie een veel grotere reserve en onafhankelijkheid mag worden verwacht dan van andere burgers, deel uitmaken van een genootschap dat niet alleen het geheim van het lidmaatschap voorop stelt maar tevens een zeer sterke broederband smeedt door middel van ceremonies en eedformules die psychologisch toch niet zonder invloed kunnen zijn?’
Ik ben geen man die ervan houdt om de haverklap complottheorieën en samenzweringen te lanceren; de realiteit in België levert ruimschoots voldoende materiaal om mijn politieke activiteiten te stofferen. Maar als voorzitter van een vereniging die hier terechtstaat, stel ik op basis van publieke verklaringen vast dat er een vereniging bestaat die vijandig staat tegenover mijn gedachtengoed, dat die vereniging wil dat haar leden haar ideeën uitdragen, en dat het een publiek geheim is dat die vereniging ook leden telt onder de magistratuur. In die omstandigheden heb ik reden om ernstig te vrezen voor de onpartijdigheid en de onafhankelijkheid van deze rechtbank, en vraag ik dat onderzocht wordt welke staatsraden lid zijn van de Loge, zodat deze kunnen gewraakt worden.
De advocaten van de vereniging die ik vertegenwoordig, VZW Vlaamse Concentratie, hebben ook een degelijk gedocumenteerd verzoek tot wraking ingediend van 31 staatsraden en de auditeur, de heer Vermeire, vanwege hun duidelijke politieke kleur:
Ik ben zelf een jaar senator geweest en ik weet hoe de leden van de raad van State worden aangeduid. Ook al zijn er verschillende kandidaten: het is telkens één welbepaalde kandidaat die bijna alle stemmen van de senaat binnenhaalt. De stemmen die ontbreken zijn die van het Vlaams Belang: de senatoren van het Vlaams Belang stemmen niet mee of stemmen op een andere kandidaat. De reden dat telkens één kandidaat bijna alle stemmen behaalt, is dat er telkens ad hoc een afspraak wordt gemaakt tussen alle partijen, behalve mijn partij. Er bestaat namelijk een officieuze verdeelsleutel tussen de verschillende politieke partijen. Elk van de betrokken politieke partijen mag op zijn beurt een kandidaat steunen en laten verkiezen. Dit heeft tot gevolg dat elke kandidaat-staatsraad de steun moet zoeken van een welbepaalde politieke partij. Wie dat niet wenst te doen maakt geen kans. Ik weet ook dat er in de raad van state heel wat uitmuntende juristen zitten, die enkel “voor de vorm” de steun zoeken van een politieke partij, die zich zelfs ergeren aan het systeem van politieke benoemingen en zich na hun aanstelling op geen enkele manier politiek laten beïnvloeden. Maar voor anderen ligt dat anders. Het gaat over mensen die al banden hebben met een bepaalde partij of zuil en van die contacten gebruik maken om staatsraad te worden.
De vraag die ik en de vereniging die ik hier vertegenwoordig zich moeten stellen is: wie is hier volstrekt politiek neutraal en wie niet? Hoewel alle staatsraden op een bepaald moment partijpolitieke steun hebben gezocht en gekregen, hebben wij er toch niet voor gekozen elke staatsraad te wraken. Wij hebben, met de beperkte middelen waarover wij beschikken, gezocht bij welke staatsraden er, naast het feit van hun politieke benoemingen, nog andere aanwijzingen bestaan die in onzen hoofde een vrees voor partijdigheid kunnen doen ontstaan.
Uit ons onderzoek bleek dat een hele lijst staatsraden op politieke kabinetten hebben gewerkt of zelfs betaald medewerker van een politieke partij zijn geweest: Adams, Albrecht, Beirlaen, Daurmont, Hanotiau, Jaumotte, Kreins, Leroy, Lienardy, Nihoul, Stevens, Van Haegendoren en Van Haeverbeeck. Anderen, zoals Leroy en Quertainmont, blijken lid te zijn van een vereniging waarvan de advocate van de tegenpartij directeur is en waarvan mijnheer Uytendaele, echtgenoot van minister Onkelinx, de voorzitter is. Het gaat bovendien over een vereniging die een project lopende heeft over “de strijd tegen extreem-rechts”. Staatsraden Leroy en Quertainmont zeggen dat dit geen stellingname impliceert. Ik zou dit misschien kunnen geloven indien er enkel “extreemrechts” had gestaan en niet “de strijd tegen extreem-rechts”. Bovendien zegt deze vereniging een puur juridische club te zijn en is er mij geen tak van het recht bekend die het “anti-extreemrechtsrecht” zou heten en ook geen wet die de titel “wet tegen extreemrechts” draagt. Het gaat hier over een zuiver politieke stellingname.
En wat moet ik denken van staatsraad RIGAUX die als bijberoep blijkbaar deel uitmaakt van een steunpunt van de Vlaamse socialistische minister Van Brempt? Of van de heren BAERT, BOVIN, SMETS, QUERTAINMONT en LEWALLE, die, zelfs door een normaal voorzichtige pers, een duidelijke politieke kleur zijn toegedicht, zonder enige ontkennende reactie van de betrokkenen trouwens? En wat met een staatsraad ANDERSEN die een boek heeft geschreven “over de strijd tegen het racisme” samen met SP.a-senator en oud-voorzitter Fred Erdman?
Ik moet niet bewijzen dat alle betrokkenen per se en noodzakelijk partijdig zijn. Ik kan geen gedachten lezen. Er is geen eerlijk proces wanneer er bij mij en de vereniging die ik vertegenwoordig ernstige redenen zijn om aan de onpartijdigheid te twijfelen. En die redenen zijn er duidelijk. De vrees voor partijdigheid is uitgedrukt in een verzoekschrift tot wraking van verschillende staatsraden, met telkens opgave van de redenen in elk individueel geval. Als antwoord krijg ik geen individuele antwoorden, maar een collectief antwoord van alle betrokkenen – er is dus manifest een overleg geweest – dat geen enkel van de door ons aangehaalde feiten “een oorzaak van gewettigde verdenking in hun hoofde kunnen vormen en deze argumenten de mogelijke partijdigheid van geen van hen persoonlijk kunnen aantonen”.
Die verklaring voldoet voor mij hoegenaamd niet. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens stelt dat “Justice must not only be done, it must also seen to be done”. Dat wil zeggen dat partijdigheid niet moet “aangetoond” worden, maar dat het voldoende is dat er in hoofde van de rechtzoekenden twijfel omtrent de onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechterlijke instantie kan rijzen “.
Die twijfel is er. Het is dan ook volstrekt onvoldoende en zelfs lichtzinnig dat men er aan toevoegt: “Wij achten het niet nodig nader in te gaan op de juistheid van de aangevoerde feitelijke elementen.”
Laat ons de rollen eens omdraaien. Laat ons eens veronderstellen dat hier vandaag Elio Di Rupo voor u moet verschijnen. Laat ons eens veronderstellen dat de meerderheid van de staatsraden politiek benoemd zijn door de partijen die de klacht tegen zijn partij hebben ingediend. Dat sommigen van hen vroeger gewerkt hebben op de studiedienst van het Vlaams Belang en dat nog anderen lid zijn van een vereniging waarvan meester Tournicourt de directeur is en de echtgenote van Filip Dewinter de voorzitter; vereniging die ook openlijk zegt te strijden tegen het socialisme. En wat als dan ook nog zou blijken dat de auditeur de partner is van iemand met een overduidelijke band met het Vlaams Belang? Zou u dat een eerlijk proces en onpartijdige rechtsspraak noemen?
Van het grootste belang is in te zien dat dit proces van een heel andere orde is dan de andere processen die in dit huis plaatsvinden, en waar de eventuele vroegere politieke activiteit van een staatsraad veel minder een rol speelt. Wat wij betwisten is de mogelijkheid om hier een eerlijk proces te laten plaatsvinden, wanneer de verzoekers politieke mandatarissen zijn, als de beklaagde een politieke partij is en waarbij de grond van de zaak een oordeel vereist over het politieke programma van deze partij. Als men gewerkt heeft op een politiek kabinet, als men benoemd is door een politieke partij, als men deel uitmaakt van een vereniging met politici met een politiek doel, dan kan men in zo’n proces onmogelijk onpartijdig en onafhankelijk oordelen.
De Raad van State heeft nooit gevraagd om uitspraak te moeten doen in dit soort van procedures. Het is hen opgedrongen door dezelfde politieke partijen die deze klacht steunen, en waarom? Omdat die politieke partijen geen andere manier meer zien om het toenemende succes van Vlaams Belang op een normale manier tegen te gaan. Als de politici niet in staat zijn om met goed bestuur Vlaams Belang terug te dringen, dan moeten de rechters het maar doen, zo redeneren zij.
Als de uitspraak een veroordeling van mijn vereniging zou inhouden, dan zal het gezag van de Raad van State daardoor ernstig en onherroepelijk aangetast worden. Het is nu al aangetast omdat wij geen andere keuze hadden dan de fictie van de politieke neutraliteit te doorbreken en verplicht zijn geweest om, uit puur lijfsbehoud, de politieke connecties van individuele staatsraden – waar wij nooit eerder hebben willen naar zoeken of publiek hebben over gesproken – in onze pleidooien op te nemen.
Dat dit proces bijzonder is, is ook al duidelijk aangetoond door de staatsraden Bracke en Brewaeys, die zich terecht vrijwillig hebben teruggetrokken. U hebt nog steeds de kans om de onafhankelijkheid van de rechtsmacht aan te tonen, door enerzijds een grondig onderzoek uit te voeren naar de Loge en Logebroeders te weigeren, en anderzijds die staatsraden zich te laten terugtrekken, die zowel ons als het publiek daarbuiten terecht aan de onpartijdigheid doen twijfelen. Wij vragen dan ook op onze wrakingsverzoeken in te gaan – en ons een eerlijk proces te geven.
Frank Vanhecke
Voorzitter Vlaams Belang
|
|